Zij van vroeger

Zij van vroeger

Ik heb een hekel aan haar. Is dat normaal? Aan hoe ze eruit zag: zo kinderlijk en kwetsbaar. Aan hoe ze was: naïef, onbewust, niet ontwikkeld, kwetsbaar, dom en opdringerig. En vooral hoe ze deed: onhandig, irritant, onaardig, eigenwijs, kwetsend, egoïstisch en ongecontroleerd. Geen wonder dat niemand haar mocht. En dat alle pesterijen op haar gericht waren. Je hoefde niet zo bang te zijn, je kon ook gewoon voor jezelf opkomen. Je hoefde niet te kwetsen. Waarom dacht je niet een keer na? Je had niet moeten kiezen tussen mensen. Niet kiezen is ook een keuze. Niet alle aandacht is voor jou. Je praatte te vaak je mond voorbij.
Ik hou van wie het is geworden. Zij is alert, sterk, zeldzaam, slim, achterdochtig, gevoelig, lief, ruimdenkend en ontwikkeld. Maar ook beschadigd, wrekend, gevoelloos, soms zelfs gevreesd. En minstens een jager. Kapot kan ze niet meer. Als je één van hen probeert te schaden, word je gekraakt tot het einde.
Is dit dan wat je wilde?
Alles beter dan zij van vroeger. Zij is heengegaan. En ik geef elke dag meer licht zonder haar.

Schrijver

Vroeger had ik geen idee wat ik wilde worden. Vanaf mijn elfde schrijf ik poëzie, maar voor de rest was ik een standaard meisje. Heel vroeger wilde ik juf worden (wat bezielde mij) en later leek werken in een nagelsalon me wel wat. Tot in de tweede klas. Voor het vak geschiedenis moesten we een verhaal schrijven over het verzet in de Tweede Wereldoorlog. Alles wat je geleerd had moest je verwerken in je fictieve verhaal, waar je een cijfer voor kreeg. Ikzelf was de opdracht helemaal vergeten, dus knutselde ik de avond voor de deadline snel iets matigs in elkaar. Dacht ik. De volgende dag op school kwam ik erachter dat ik een 9,5 had. Ik was enorm verbaasd. Zo goed was het toch niet? Maar de leraar kwam in de les naar mij toe om mij te complimenteren en dat het zo goed was, dat ik hier echt wat mee moest doen. Met wat? dacht ik nog. Nadat ik mijn cijfer thuis had verteld heb ik het daar ook laten lezen. Er gingen gelijk nietjes in en voor ik het wist ging het verhaal de hele familie rond. Van alle kanten kreeg ik complimenten en weer kreeg ik te horen dat ik er wat mee moest doen. Het zette mij toch wel aan het denken. Toch duurde het nog een jaar, want faalangst, om aan een boek te beginnen. Oh ja, en ik stopte met een typisch meisje zijn. Inmiddels schrijf ik dus een boek, poëzie, dit wat je nu leest en meer wat ik allemaal kwijt wil. Dank je wel leraar en ja, ik weet wat ik wil worden.

Geluk

Mijn geluk zit in kleine dingen. Van tijd doorbrengen met familie of vrienden tot in mijn eentje rondzwerven in Utrecht. Of moet het nog kleiner? Als ik weer nieuwe bloemen heb gekocht of in een bos kan wandelen. Als het me lukt om lange nagels te sparen. Schrijven, natuurlijk. Lekker weer. Naar feestjes gaan waar ik zowat niemand ken. Iets bakken wat goed lukt. Naar buiten gaan en daar te lang blijven. Ik word gelukkig van alleen zijn. Ik word gelukkig van mensen om me heen. De balans. Me nuttig voelen brengt mij heel veel geluk. Ik hou van licht. Zowel zonlicht als maanlicht. Ik hou van ijs, vooral schepijs. Maar één van het grootste geluk is het gevoel geliefd te zijn.